Scheikunde

Scheikunde is een bètavak dat vanaf klas 3 gegeven wordt. Het vak bestaat niet alleen uit theorie, maar er wordt ook veel tijd besteed aan praktische opdrachten. In de derde klas beginnen we met een aantal lessen over veiligheid, waarin o.a. uitgelegd wordt hoe er met een brander gewerkt wordt. In het boek (“Chemie Overal” voor havo/vwo en “Banas” voor mavo) worden verschillende onderwerpen behandeld. Er wordt kennisgemaakt met reactiesnelheid en verbranding van stoffen. Bij de onderwerpen horen allerlei verschillende proeven. Zo maken we mayonaise en verbranden we magnesium.

In de bovenbouw is scheikunde een keuzevak bij de profielen NG/NT voor havo/vwo. Voor mavo geldt dat er al na klas 2 gekozen kan worden voor nask2. Het klinkt wel anders, maar het is gewoon scheikunde.

In de bovenbouw komen er verschillende onderwerpen aan bod zoals zouten, zuren en basen en koolstofchemie. Koolstofchemie gaat onder andere over aardolie, kunststoffen, eiwitten en DNA. Hier komen we ook een beetje op het vlak van biologie. Bij de verschillende hoofdstukken horen theorievragen, maar ook proeven. Niet bij elk hoofdstuk evenveel, want dat ligt aan het onderwerp. We voeren proeven uit met zuren en basen en maken nylondraad.

In het examenjaar krijg je mogelijkheid een afsluitend werkstuk te maken als je scheikunde hebt. De afgelopen jaren zijn er veel leuke onderwerpen voorbijgekomen. Zo is er bijvoorbeeld papier gemaakt van olifantenpoep en is er bier en wijn gebrouwen. Ook zijn er leerlingen die buiten de school aan dit werkstuk kunnen werken. Dit is mogelijk omdat de vakgroep meerdere contacten heeft in het bedrijfsleven en bij vervolgopleidingen.

Scala is een Universumschool. Wat dat inhoudt, kun je HIER lezen!